Roelant en Willemke woonden aan de Noordzijde van Bleskensgraaf aan de Sijdewegh (scheiding met Oud Alblas en hielden een herberg.
Op 1-9-1631: Roelant Roelantsz den Ouden wonend te Bleskensgraaf eist van Arien Pietersz tot Molenaarsgraaf vijf gulden en 14 stuivers over verteer, gelagen e.d.
Er is een archiefstuk waaruit blijkt dat hij op 4-5-1626 cleermaecker is en herbergh waert in Bleskensgraaf. In 1631: schout en heemraad van Bleskensgraaf geven hem een goed getuigschrift; Cleermaecker, ingeboren van Bleskensgraaf, sedert jaren ook herbergh houdend om beter voor zijn gezin te kunnen zorgen.
Hij wordt genoemd op 15-4-1638: Roelant Roelantsz, deurwaarder en herberghouder, 48 jaar. Willemtgen Willems 47 jaar met hun dochter Ariaentgen Roelantsdr. 23 jaar.
Op 30-1-1641 koopt Roelant 525 roeden in het Zieuwweer (Sijdenweer) van de familie Brant.
Op 9 juni 1674 boedelscheiding na zijn overlijden. Er zijn vijf kinderen onder wie de boedel verdeeld moet worden. Hij laat 4 morgen land noordzijde van Oud Alblas in de Rijkenhoeff na aan vrouw en kinderen.